ZERK 40 klik hier voor plattegrond

Deze groep zerken begint met de zerk die tegen de muur staat. Deze zeer grote en fraai bewerkte zerk is ongeschonden en heeft betrekking op de familie van Schurman.

Het randschrift is:

Anno 1623 den 5 November sterf de Edele ende Veste Frederick
van Schurman olt 59 iaer
Ao 1633 den 19 Febr sterf tot Uijtrecht De Edele en Veste
Johan van Schurman en is hier begraven

Onder het beeldhouwwerk staat:

Hier liggen begraven des
Edelen ende Vesten Samiel
van Schurman twee Dogterkens

Opmerkingen:

In het midden van de zerk is een wapenschild waarop een boom met bladeren en een helmteken met een boom is aangebracht. De wapenkwartieren op de hoeken zijn: rechtsboven, een boom, linksboven drie korenaren paarsgewijs en naast elkaar. Rechtsbeneden: drie rozen en linksbeneden: drie lelies.

Frederick van Schurman was de vader van de bekende Anna Marie van Schurman. Haar moeder was Eva van Harf. Johan was een zoon van het echtpaar dat in 1623 naar Franeker kwam.Anna geb. 5-11-1607 te keulen. + 1678 waltastate ?. echtpaar 1610 dreiborn. 1615 naar utrecht. johan + 1664. moeder + 1637

ZERK 41 klik hier voor plattegrond

De zerk die voor de staande ligt is wat moeilijk leesbaar door slijtage van de letters en cijfers.

De tekst op het middenvlak is:

Anno 1698 den 22 December
is in den Heere Ontslapen de
Eersamen en Deughtsamen Catharina
Andela huisfrou van Wibius
Bleck en leit hier begraven

Op het onderste deel staat:

Anno 1747 den 30 Iuly is in den ouderdom
van 82 Iaaren overleden Mous Wibius Bleck
wijlen olt burger en boekverkoper binnen
Franeker en leijt alhier begraven

Bleck leefde voor 't gemeen en van zyn kost door druk
Hier wagt zijn sterfelijk deel het Eeuwig geluk.

Opmerkingen:

Bleck was een van de vele drukkers en uitgevers die in de tijd van de academie in Franeker woonden. Vele van de academiewerken die deze drukkers/uitgevers hebben gemaakt, bestaan nog steeds en zijn een bron van informatie over de wetenschappelijke en sociale ontwikkeling uit die tijden. De wapens M/V in het beeldhouwwerk met een links kijkende sierhelm aangebracht in een cirkel hebben betrekking op de vorige eigenaar van de steen.

ZERK 42 klik hier voor plattegrond

Op de zerk naast die van Bleck luidt het randschrift:

Ao 1612 den 3en September sterf den Erentphesten en
geleerden Hermannius Doman Secretarius van den
Universiteit alhier binnen Franeker

Onder het fraaie wapenschild staat verticaal:

Anno 1776 den 3 oktober Is in den Heere Gerust den Eersamen Jan
Everts Meester Backer tot Franeker Oudt sijnde
Ruim 40 Iaaren en ligt alhier begraven.

Dan volgt eveneens vertikaal cursief:

Den 24 December 1801 overleed Namkjen Schultenus oud
bijna 59 Jaar hier begraven

Opmerkingen:

Het beeldhouwwerk bestaat uit een ovaal met randversiering en M/V schilden waarboven een links kijkende sierhelm. In de rechteronderhoek staat nog No 68 en 69

Deze nummers geven waarschijnlijk de plaats aan van de zerk.

ZERK 43 klik hier voor plattegrond

De tekst op de zerk er naast is in het latijn wat veelvuldig voorkomt op zerken die betrekking hebben op professoren van de Franeker Academie.

Het randschrift is:

Heic Caro Pasoris Recubat Sed Fessa Labore Mens Sursum
Tendens Genis Comitata Triumphat

Tekst op het middenvlak is:

GEORGIUS PASOR
S. Theologiae et L Hebrae ae
per annos XIX Herbornae
Graegarum Literarum
Per Annos XL Hac in Academia
Professor
Heic Gloriosam Carnis
Praestolatur resurrectionem
Natus Ellarae Nassou
Kal aug. M.D.LXX
Denatus Franekerae
IV fid Decemb M.D.C. XXXII

Opmerkingen:

De vertaling van het latijnse randschrift is kort samengevat:
Het vlees (lichaam) moge moe zijn, geestelijk streeft het opwaarts, het volk leidende naar de overwinning.

Georgius Pasor werd op 1 augustus 1570 geboren te Ellar. In 1591 werd hij als student ingeschreven aan de Hogeschool te Herborn. Een jaar later vertrok hij naar Zwitseland waar hij eerst te Lausanne en later te Geneve zijn studie voortzette tot in 1594. In dat jaar ging hij terug naar zijn geboorteplaats, maar in 1595 aanvaarde hij de taak om leraar en opvoeder te worden van de broers Johan-Ernst, Johan en Adolf van Nassau en van Johan-Willem von Wied en Hendrik van Solms. Deze tijdelijke baan verruilde hij in 1597 voor een vaste en aantrekkelijke aanstelling als hoogleraar pedagogie te Siegen. Een kleine tien jaar bleef hij aan de school te Siegen verbonden, maar in 1607 werd hem een zeer aantrekkelijk aanbod gedaan om de leerstoel Hebreeuws en Grieks aan de hogeschool te Herborn te bezetten. Negentien jaar lang gaf hij op een verdienstelijke wijze les aan de studenten en kwamen er van zijn hand diverse uitstekende geschriften. Maar toen in 1626 er een aanbod van de Franeker Academie kwam om .......... als hoogleraar op te volgen, leek hem verandering wel aangenaam. Op 8 november 1626 werd Pasor benoemd tot hoogleraar te Franeker. Ook hier kreeg hij al spoedig waardering voor zijn manier van lesgeven en op 25 maart 1630 werd hij bevorderd tot L.A.M.

Maar evenals eerder en later vele collega's speelde het klimaat in Friesland hem parten. Steeds vaker moest hij verstek laten gaan door ziekte en toen hij in december van de besneeuwde trap voor zijn huis viel, was het spoedig daarna met hem gedaan. Hij overleed op 10 december en werd in de Academiekerk begraven.

In 1598 was Pasor gehuwd met Apollonia Hendsch, de dochter van de burgemeester van Herborn. Zij stierf, evenals haar vier dochters, in 1614 aan tyfus, overgebracht door een vriendin. Twee zonen, Mathias en Johannes Jacobus bleven gespaard. Een jaar later trouwde hij te Dillenburg met Magdalena Ursinus, de weduwe van Phillipus Sengel. Zij overleed op 23 november 1631 te Franeker aan TB.

ZERK 44 klik hier voor plattegrond

Op deze zerk is de naam Polius over het oorspronkelijke randschrif heen aangebracht. Een deel van het oude randschrift is nog te lezen. De tekst onder het wapenschild niet meer.

Bovenaan op plaats randschrift staat:

P. POLLIUS

Het randschrift is:

Anno 16.. den .. novembe. sterf die Eerbare
Antie Klaeses Dr. Rocchus Baerns Roodmers wijf

OPMERKINGEN:

Petrus Pollius (Peter Pol) was een zoon van Maevius (Marten) Pol, rector aan de latijnse school te Leeuwarden en later Pedel van de Franeker academie. Maevius overleed op 7 november 1664. Zijn zoon Petrus volgde Maevius op als Pedel en had tevens een boekwinkeltje voor studenten en burgers naast de ingang van de academie aan de vijverstraat.

In zijn hoedanigheid als Pedel was hij vaak getuige van de handel en wandel van diverse professoren. Soms was hij zelf het slachtoffer van deze kennis, maar durfde niet tegen de heren op te treden. Maar toen het hem te gek werd, diende hij een aanklacht in bij de Senatus judicalis. Op 21 juni 1678 was hij aanklager en getuige in een geruchtmakende rechtzaak tegen professor Johannes Wubbema. Deze rechtzaak trok er veel publiek.

Pollius beschuldigde Wubbema van chantage en bedreiging en dat Wubbema als inspector van de Burse regelmatig dronken was, groffe taal uitsloeg en vals kaartspeelde en dobbelde, terwijl de 2de vrouw van Wubbema, Rixt Doman, haar man van veelwijverij, het zwanger maken van de dienstmeid, drankzucht en mishandeling beschuldigde. Collega Huber beschuldigde hem van poging tot moord op collega Dankelman en van laster en noemde Wubbema een geslepen intrigant. De aanklachten werden door Anthonius Kann opgesteld, die echter nooit de rechtzaak heeft meegemaakt omdat hij in 1678 overleed. Na f3000 te hebben betaald, werd Wubbema op borg vrijgelaten. Hij werd met onmiddelijke ingang geschorst als professor. Door zijn advocaten werd het proces steeds weer verdaagd, maar op 25 februari 1681 kwam de zaak eindelijk voor. In die kleine drie jaar heeft Wubbema vele pogingen gedaan om o.a. Pollius in een kwaad daglicht te stellen door veel laster te schrijven en hem zelfs met de dood te bedreigen. Wubbema stierf tijdens het proces op 28 februari aan een hartaanval.

Een groot deel van de tekst is afgesleten, evenals het beeldhouwwerk dat bestaat uit twee wapenschilden M/V en een helm met als helmteken een soort rups met 8 poten dat waarschijnlijk bij de familie Roodmers(ma) hoort.